1inleiding
283. Praktische gids ooracupunctuur voor indicatiegebieden
21. Grundlagen der praktischen Auriculotherapie
293.1 Behandeling van pijnklachten
31.1 Diagnostiek aan het oor
303.1.1 Puntselectie bij hoofd- en nekpijn
41.1.1 Visuele inspectie van de oorschelp
313.1.2 Aanpak bij pijn van het bewegingsapparaat
51.1.2 Palpatie en drukgevoeligheid van de zones
323.1.3 Therapie van viscerale en neuropathische pijn
61.1.3 Elektrische puntendetectie en weerstandsmeting
333.2 Toepassing bij vegetatieve en psychische stoornissen
71.2 Topografie van de oorpunten
343.2.1 Ondersteuning bij slaapstoornissen en innerlijke onrust
81.2.1 Somatotopische indeling volgens de omgekeerde embryo
353.2.2 Behandelprotocollen voor verslavingsbegeleiding
91.2.2 Lokalisatie van de orgaan- en weefselpunten
363.2.3 Regulatie bij functionele orgaanklachten
101.2.3 Plaatsbepaling van de psychotrope en functionele punten
373.3 Inzet bij overige klachten
111.3 Werkplek en materiaalvoorbereiding
383.3.1 Verlichting van allergische symptomen
121.3.1 Selectie en controle van de acupunctuurnaalden
393.3.2 Hormonale regulatie en gynaecologie
131.3.2 Aseptische voorbereiding van het behandelgebied
403.3.3 Begeleidende therapie bij gewichtsvermindering
141.3.3 Ergonomische inrichting van de behandelplek
414. Praktijkmanagement en optimalisatie van de behandeling bij acupunctuur aan het oor
152. Handleiding ooracupunctuur: Technieken en uitvoering
424.1 Nazorg en patiëntenbegeleiding
162.1 Naaldtechnieken in de auriculopunctuur
434.1.1 Gedragsinstructies voor patiënten na de behandeling
172.1.1 Loodrechte en schuine naaldinsteek
444.1.2 Systematische documentatie van het behandelverloop
182.1.2 Bepaling van de optimale steekdiepte
454.2 Combinatietherapieën en synergieën
192.1.3 Naaldstimulatie en het bereiken van het De-Qi-gevoel
464.2.1 Combinatie van ooracupunctuur met lichaamsacupunctuur
202.2 Behandelingsverloop en duur
474.2.2 Integratie in manuele therapieconcepten
212.2.1 Vastlegging van de behandelfrequentie en -reeks
484.2.3 Aanvulling met fytotherapeutische of dieetmaatregelen
222.2.2 Regulering van de naaldverblijftijd per sessie
494.3 Foutpreventie en kwaliteitscontrole
232.2.3 Veilig en pijnarm verwijderen van de naalden
504.3.1 Herkennen en in acht nemen van contra-indicaties
242.3 Alternatieve stimulatiemethoden
514.3.2 Strategieën bij uitblijvend behandelingssucces
252.3.1 Toepassing van verblijfsnaalden en zaadpleisters
524.3.3 Omgaan met flauwvallen door naalden en ongewenste voorvallen
262.3.2 Gebruik van softlaser-apparaten voor stimulatie
53Bronnen
272.3.3 Handmatige drukmassage van de oorreflexzones
54Afbeeldingsbronnen