6Vertrek van de Fregatten des Konings.
210Beschrijving van de legerplaats.
7Onmogelijkheid om mij naar Okotsk te begeeven voor den aanvang der sleedevaart.
211Kleeding der Tchouktchische vrouwen.
8Beschrijving van de Haven van St. Pieter & Paulus en van een ontwerp daar toe betrekkelyk.
212Gelaatstrekken.
9Aart van den grond.
213Reizen, en Koophandel der Tchouktchis te Ingiga.
10Luchtgesteldheid.
214Ik verlaat deeze Tchouktchis.
11Rivieren welke in de Baaij van Avatscha uitwateren.
215Beschrijving van Pareiné.
12Vertrek van St. Pieter & Paulus.
216Verhaal van een vrouw van Ingiga.
13Aankomst en verblijf te Paratounka.
217Ongerustheid welke mij een Opperhoofd der Koriaken verwekt, die mij wil aanhouden.
14Beschrijving van dat Dorp.
218Vertrek van Pareiné.
15Wooningen der Kamschatters.
219Rustplaats.
16Beschrijving der Balagans.
220Ontmoeting van zwervende Koriaken.
17Beschrijving der Isbas.
221Verschil tusschen mijn volk en mij over het wêer.
18Opperhoofd of Rechter van ieder Ostrog.
222Ik gebruik mijn Compas tot grote verwondering mijner leidslieden.
19Aanmerkingen over de kerk en de omgeleegen streeken van Paratounka.
223Eene heftige orcaan.
20Vertrek van Paratounka.
224Aankomst te Ingiga.
21Aankomst te Koriaki.
225Beschrijving van de stad.
22Beschrijving van dit Ostrog.
226Koophandel.
23Vertrek van Koriaki.
227Bijzonderheden omtrent een Koriaksch Prins genaamt Bumiavin.
24Aankomst en verblijf bij de baden van Natchikin.
228Uitgestrektheid van het land der Koriaken.
25Beschrijving der warme bronnen van Natchikin.
229Bevolking.
26Beschrijving der baden.
230Zeden der Koriaken, die eene vaste woonplaats hebben.
27Zamenstelling van onze Wooningen bij deeze baden.
231Onverzettelijke kloekmoedigheid van alle de Koriaken.
28Onderrichting om deeze heete wateren te ontbinden.
232Levenswijze der Koriaken, die een vaste woonplaats hebben.
29Uitslag van onze proefneemingen.
233Hunne bezigheden.
30Jagt op eene sabel-marter.
234Wooningen.
31Toebereidzelen tot ons vertrek.
235Voedzel.
32Vertrek van Natchikin, en bijzonderheden van onze reis.
236Dranken.
33Aankomst te Apatchin, en aanmerkingen over dit dorp.
237Gelaatstrekken.
34Aankomst te Bolcheretsk.
238Wieg voor de kinderen.
35Schipbreuk van het galjoot van Okotsk.
239Huwelijken.
36Wij begeeven ons op weg ter ontdekking van het verongelukte schip.
240Lijkplegtigheden.
37Gehugt van Tchekafki.
241Godsdienst.
38Mond van de Bolchaïa-reka.
242Taal.
39Aanmerkingen over den mond van de Bolchaïareka.
243Toebereidzelen tot mijn vertrek.
40Schrikkelijke orcaan.
244Den 5.
41Terugkomst te Bolcheretsk, alwaar ik tot den 27 Januarij 1788. gebleeven ben.
245Bijgeloovigheid van mijne soldaaten.
42Beschrijving van Bolcheretsk.
246Afscheid van Oumiavin
43Aanmerkelijk onderscheid tusschen St. Pieter & Paulus & Bolcheretsk.
247Vertrek van Ingiga.
44Bevolking van Bolcheretsk.
248Ik neem een Reisgenoot met mij.
45Sluikhandel der Cosakken en anderen.
249Beschrijving van een Koriaksche slêe.
46Koophandel in het algemeen.
250Wijze waar op men de rendieren voorspant en ment.
47Leevenswijs der Inwoonders van Bolcheretsk en in het algemeen van de Kamschatters.
251Rustplaats.
48Kleeding.
252Ik begon zelfs te mennen.
49Voedzel.
253Dorp van Karbanda.
50Dranken.
254Rustplaats in een gehugt aan den oever van de Noijakhona.
51Inwoonders van Kamschatka.
2551788. April Den 8.
52Inboorlingen.
256Bezoek en geschenk, het welk ik van den Prins Amoulamoula ontfang.
53Aanmerkingen over de zeden der Inwooners van Bolcheretsk.
257Aankomst bij den Broeder van Oumiavin.
54Danspartijen, gegeeven aan de Vrouwen te Bolcheretsk, en aanmerkingen geduurende deeze Bals gemaakt.
258Bijzonderheden wegens mijne gastheer.
55Feesten & dansen der Kamschatters.
259Ontwerp van Siméon Oumiavin.
56Beeren jagt.
260Edelmoedige trek van deezen Koriakschen Prins.
57Jagt.
261Kudde van rendieren.
58Vischvangst.
262Geschenk van Oumiavin.
59De paarden zijn ’er zeldzaam.
263Yourte van de zwervende Koriaken.
60Honden.
264Vertrek.
61Sleeden.
265Warme bronnen van Tavatoma.
62Manier waar op men ter Haazen & Patrijzen jagt gaat.
2661788. April Den 11.
63Ziektens.
267Bergen van Villegui.
64Toverdoctors.
2681788. April Den 13.
65Sterke gesteldheid der vrouwen.
269Ostrog van Toumané.
66Geneesmiddel, dat men aan den beer verschuldigt is.
270Oumiavin is genoodzaakt mij te verlaaten.
67Godsdienst.
2711788. April Den 15. en 16.
68Kerken.
272Vertrek van Toumane.
69Belastingen of Schattingen.
273Storm.
70Muntspecien.
274Verlaaten yourte, die ons ter schuilplaats verstrekt.
71Bezolding van de Soldaaten
2751788. April Den 18.
72Bestier.
276Den 19.
73Rechtbanken.
277Bijzonderheden nopens het plan mijner reis.
74Gebruiken omtrent de Erffenissen.
2781788. April Den 21.
75Aanmerkingen betreklijk de Huwelijken.
279Baaij Iret.
76Strafoeffeningen.
280Aankomst te Yamsk.
77Taal.
281Beschrijving van dit Ostrog.
78Aantekeningen over de lugtsgesteldheid.
282Wijze waar op de Inwoonders het zout maaken.
79Oorzaaken die de langduurigheid van ons verblijf te Bolcheretsk noodzaakelijk gemaakt hebben.
283Kleeding der zwervende Tongousen.
80Toebereidzelen tot ons vertrek, bepaald op den 27 Januarij.
284Berg, genaamt de Babouschka.
81Vertrek van Bolcheretsk.
285Ostrog van Srednoi.
82Aankomst te Apatchin.
286Ostrog van Siglann.
83Afscheidsgroet van de inwoonders van Bolcheretsk.
287Yourtes der Toungousen.
84Oorzaak van de kwade denkbeelden die de inwoonders van Kamschatka omtrent de Franschen opgevat hebben.
288Opschik der Toungouse vrouwen.
85Historische bijzonderheden wegens Beniovski.
289Gelaatstrekken, en aart van de Toungousen.
86De Heer Schmaleff verlaat ons ten einde het overige van zijn plaats en bewind te gaan bezigtigen.
290Ongelukkige tegenspoed.
87Vertrek van Apatchin.
291Weg over een lijstwerk van ijs.
88Aankomst te Malkin.
292Rustplaats bij een Yakouter.
89Ostrog van Malkin.
293Het Fort Taousk.
90Gedwongen omweg.
294Dorp Gorbé.
91Te Ganal.
2951788. Maij Den 3.
92Een zeer lastigen dag.
296Dorp Iné.
93Te Pouschiné. Isbas zonder schoorsteenen.
297Aankomst te Okotsk.
94Kamschatsche lamp.
298Genomen maatregelen om mij rendieren te bezorgen.
95Morsigheid der bewoonders van deeze Isbas.
299Bezoek afgelegt bij Mevrouw Kasloff te Boulguin.
96De wegen vervuld met sneeuw; vermoeijende oeffening van mijne geleiders.
300Den 7.
97Te Vercknei-Kamschatka of Opper-Kamschatka.
301Onmoogelijkheid om rendieren te bekomen en toebereidzelen.
98Geschenk het geen Ivaschkin ons gaf.
302Beschrijving van de stad Okotsk.
99Zaimka of Gehugt dat door akkerlieden bewoond wierd.
303Vertrek.
100Inwoonders van Milkoff.
3041788. Maij Den 11.
101Ostrog van Kirgann.
305Gevaarlijke overtogt.
102Verblijf te Machoure bij den Heer Baron de Steinheil.
306Voorstel van een mijner wegwijzers.
103Ostrog van Machoure.
307Ik keer te rug.
104Nadere bijzonderheden over de Chamans.
3081788. Maij Den 13.
105Bericht van een opstand der Koriaken.
309Verblijf te Okotsk.
106Vertrek van Machoure.
310Bevelen door den Heer Loftsoff ten mijnen voordeele gegeeven.
107De groote en de kleine Nikoulka.
311Beleeftheid van Mevrouw Kasloff.
108Vuurspuwende bergen van Tolbatchina en van Klutchefskaia. Vroegtijdige Huwelijken in Kamschatka.
312Bericht wegens de aankomst van den Heer Kasloff te Ingiga.
109Reize naar Nijenei-Kamschatka.
313Historische bijzonderheden wegens den handel van Okotsk.
110Ik verlaat den Heer Kasloff te Tolbatchina.
314Bestier.
111Voorvallen op mijn reis naar Nijenei-Kamschatka.
315Ontwerp om de inwoonders van Okotsk elder te verplaatzen.
112Ostrog van Ouchkoff.
316Bijzonderheden over den togt van den Heer Billings.
113Ostrog van Krestoff.
317De rivier Okhota ontdoed zich van het ijs.
114Vuurberg van Klutchefskaïa
318Toebereidzelen tot mijn vertrek.
115Inwoonders van Klutchefskaïa.
319Zoutgroef drie uuren van Okotsk.
116Ostrog van Klutchefskaïa.
320Aanmerkingen over de Okhota en bijzonderheden omtrent mijne reis.
117Ostrog van Kamini.
3211788. Junij Den 7.
118Ostrogs van Kamokoff & van Tchoka. Aankomst te Nijenei.
322Den 8.
119Beschrijving van deeze hoofdplaats van Kamschatka.
323Rustplaatzen der Yakouters.
120Feest gegeeven door den Heer Major Orléankoff.
324Den 10.
121Rechtbanken te Nijenei.
325Gewoonlijk voedzel der Yakouters.
122Bijzonderheden wegens het opperhoofd van deeze Japoneezen.
326Ontmoeting van eene Caravane Kooplieden.
123Japansche muntspecien.
327Uitsteekende dienst welke Golikoff mij bewijst.
124Koopmanschappen die een gedeelte van de lading uitmaakten van het Japansche schip.
328Aankomst te Ouratskoïplod-bisché. Inwoonders van dit gehugt.
125Vertrek van Nijenei Kamschatka.
329Oorsprong van de Ourak.
1261788. Februarij Den 13.
330Gewoonte der Yakouters, wanneer ze een paard op weg laaten leggen.
127Ik voeg mij weder bij den Heer Kasloff te Yelofki.
331Ongeval het welk mijn Soldaat Golikoff bejegende.
128Storm die ons op weg overviel.
332Komst bij het kruis van Yudoma.
129Noodwendige stilhouding bij een Bosch. Manier waar op de Kamschatters hun bed op de sneeuw vervaardigen.
333Zwaarigheden die ik bij mijne inscheeping ontmoet.
130Ostrog van Ozernoï.
334De Heer Allegretti keert naar Okotsk te rug.
131Den 21.
335Overtogt van de waterval.
132Ostrog van Ouké.
336Arm van de Yudoma, die de DUIVELS-ARM genaamt word.
133Te Khaluli een met leer bedekte baidar.
337Den 20.
134Ostrog van Ivaschkin.
338Snelheid en rigting van de Yudoma.
135Wij vonden te Dranuki den Heer Haus, een Russisch Officier.
339Wij komen in de Maija.
136Aanmerklijke en vrij gemaklijke baaij.
340Ontmoeting van negen vaartuigen.
137Ostrog van Karagui, het laatste van Kamschatka.
341Uitwatering van de Maya in de Aldann.
138Te Karagui Beschrijving der yourtes.
342Bijzonder toeval dat mij paarden verschaft.
139Inwendig maakzel en vercieringen der yourtes.
343Vertrek van Oustmaya-pristann.
140Kleeding der kinderen.
344Yakoutsche zangen.
141Taal der Inwoonders van dit Ostrog.
345Bijzonderheden van mijne reis tot aan Amgui.
142Eenige Koriaken brengen ons twee levendige rendieren.
346Den 25.
143Onderscheid tusschen twee soorten van Koriaken.
347Onthaal het geen mij een Yakoutsche Prins aandoet.
144Aankomst van onze leevensmiddelen.
348Beschrijving van eene Yakoutsche yourte.
145Beroemde Kamschatsche danseresse.
349Drank genaamd Koumouiss.
146Liefhebberij van deeze volkeren voor den Tabak.
350Gewoontens, Godsdienst, en zeden der Yakouters.
147Afscheid der toyons, die ons tot een geleide gedient hadden.
351Vertrek van Amgui.
148Blijken van genegenheid, die mij de Kamschatters gaven.
352Afbeeldzel van eene kwaad doende Godheid.
149Vertrek van Karagui en gedwonge omweg door het losgaan van het ijs in eene baaij.
353Zomerwooningen der Yakouters.
150Gesteltheid van onze rustplaatzen in het open veld.
354Den 28.
151Waar in ons avondeeten, onze eenigste maaltijd, bestond.
355Komst te Yarmangui.
152Onze honden beginnen gebrek te lijden, verscheiden raaken om het leeven.
356Overtogt en breedte van de Lena voor Yakoutsk.
153Een Soldaat naar Kaminoi gezonden om aldaar onderstand te zoeken.
357Verblijf te Yakoutsk.
154Aankomst in het dorp van Gavenki. Beschrijving van Gavenki.
358Ontmoeting van den Heer Billings.
155Twist tusschen één van onze Sergeanten en twee Inwoonders van Gavenki. Straf der schuldigen.
359Beschrijving van de Stad en de Haven van Yakoutsk.
156De Inwoonders weigeren ons visch.
360Inwoonders.
157Visch, dien men op deze kusten vangt.
361Vertrek van Yakoutsk en vaart op de Lena.
158Meir in den omtrek van Gavenki.
362Posthuizen en plaatzen waar men andere persoonen bekomt; welke lieden tot deezen dienst gebruikt worden.
159Vertrek van Gavenki.
3631788. Julij van den 5. tot den 14. Vaart op de Lena.
160Onze wegwijzer doet ons verdwaalen.
364de Stad Olekma.
161De honger beroofde ons van de honden.
365Ontmoeting van een Toungousser.
162Wij laaten ons reisgoed op het midden van den weg.
366Toungoussche praauwen.
163Nieuwe zwaarigheden.
367Vriendelijk onthaal eener Toungousse horde.
164Middelen, waar van wij ons bedienden, om onze honden te doen voortgaan.
368Wooningen, gelaatstrekken, Godsdienst, rijkdommen en gewoontens der Toungoussen.
165Aankomst te Poustaretsk.
369Het dorp Pélodoni; boeren die met de postroute belast zijn.
166Vergeefsche naspooringen om visch te vinden.
370Aanteekeningen omtrent de Léna.
167Treurig schouwspel het welk onze honden ons opleeverden.
371De Stad Kirinsk.
168De Soldaat, die naar Kaminoi gezonden was, moest onderweg blijven.
3721788. Julij Den 29.
169Bode naar Potkagornoi gezonden, om aldaar walvischvleesch te gaan haalen.
373Augustus Den 1.
170De Sergeant Kabéchoff vertrekt naar Kaminoi, met het overschot van onzen voorraad.
374Ik verlaat mijn vaartuig.
171Beschrijving van Poustaretsk en de omliggende streeken.
375Ik voorzie mij van paarden en vervolgens van een kibitk.
172Spijze der inwoonders gedurende ons verblijf aldaar.
376Aanmerkingen omtrent de Bratskis.
173Wijze, waarop de rendieren gevangen worden.
377Aankomst te Irkoutsk.
174Bezigheden der vrouwen.
378Bezoek bij de Gouverneur afgelegt.
175Manier van tabakrooken.
379Te Irkoutsk. Belooning die ik voor Golikoff verkreeg.
176Kleeding.
380Beschrijving van de stad Irkoutsk.
177De Heer Schmaleff voegt zich weder bij ons.
381Koophandel van Rusland met China.
178Bedroevend antwoord van den Sergeant Kabétchoff.
382Toebereidzelen tot mijn vertrek.
179De Heer Kasloff ontfing de tijding van zijne bevordering.
383Mijn afreize en laatste trek van de genegenheid van Golikoff voor mij.
180Ik vorm het denkbeeld om van den Heer Kasloff te scheiden.
384Bijzonderheden van mijne reis.
181Wij bekomen van Potkagornoi Walvisch vlees en vet.
385Woestijn van Baraba of Barabinskoi-step.
182De rust onder de Koriaken hersteld.
386Voorval in deeze woestijn.
183Het onthaal, ’t welk wij den Koriaken aandoen.
387Aankomst te Tomsk.
184Zij belasten zich met twee mijner mantelzakken.
388Wie de Commandant was.
185De Heer Kaslof stelt mij zijne brieven ter hand en geeft mij de nodige paspoorten tot mijne veiligheid.
389Aanmerking over de stad Tomsk.
186Mijne aandoeningen, wanneer ik van den Heer Kasloff moest scheiden.
390Ontmoeting van bannelingen naar Nertschinsk gezonden.
187NABERICHT VAN DEN NEDERDUITSCHEN VERTAALER.
391Overtogt van de Ob of de Obi.
188Vertrek van Poustaretsk.
392Komst te Tobolsk, en beschrijving van de stad.
189Verlaate gehugt.
393Catherinenburg; Goudmijn in deszelfs omtrek.
190Ontdekking van voorraad in dit gehugt verborgen.
394Aanmerking wegens de Tartaaren.
191Een zeer lastige dag.
395Kapzel der Tcheremissisch.
192Onvoorzigtigheid die mijne gezondheid benadeelde.
396Ontmoeting van Heidens.
193Rustplaats.
397De stad Casan.
194De beweeging doet mij herstellen.
398Ongeval mij bejegend.
195Ontmoeting van drie Convooijen die aan den Heer Kasloff gezonden wierden.
399Nijenei-novogorod.
196Overtogt van de rivier van Pengina.
400Komst te Moscou.
197Aankomst te Kaminoi.
401Aankomst te Petersburg.
198Rechtvaardiging van deeze Koriaken, valschelijk van oproer beschuldigt.
4021788. September Den 23.
199Beschrijving van Kaminoi.
4031788. September.
200Aanmerkingen over eenige baidars.
404Komst te Versailles.
201De Heer Schmaleff is genoodzaakt mij te verlaaten.
405AFSCHRIFT
202Hij geeft mij eenen Soldaat genaamt Yegor Golikoff.
406Verklaaring van den Commandant van Okotsk.
203Vertrek van Chestokovæ.
407WOORDENBOEK DER KAMSCHATSCHE, KORIAKSCHE, TCHOUKTCHISCHE en LAMOUTSCHE TAALEN.
204Stormwind.
408WOORDENBOEK DER KAMSCHATSCHE TAAL Zo als dezelve te St. Pieter & Paulus en te Paratounka gesprooken wordt[235].